Overslaan naar inhoud

Elektrische keuring: de 7 meest voorkomende inbreuken (en hoe je ze vermijdt)

29 mei 2026 in
Bart

Een negatief keuringsattest is vervelend, maar het is zeker geen uitzondering. In Vlaanderen valt een aanzienlijk deel van de elektrische keuringen negatief uit, vooral bij oudere installaties en woningen die verkocht worden. Het goede nieuws? De meeste inbreuken zijn voorspelbaar en vaak op voorhand te verhelpen.

In dit artikel overlopen we de 7 inbreuken die onze keurders het vaakst vaststellen. Per inbreuk leggen we uit wat het precies betekent, waarom het als inbreuk geldt en wat je kan doen om het te vermijden of te verhelpen.

1. Ontbrekend of onvolledig eendraadschema

Dit is veruit de meest voorkomende inbreuk. Het eendraadschema is een technische tekening die de opbouw van je elektrische installatie weergeeft: welke stroomkringen er zijn, welke bescherming erop zit en hoe alles met elkaar verbonden is. Het situatieplan toont waar de leidingen en aansluitpunten zich fysiek bevinden in je woning.

Waarom is dit een inbreuk? Zonder correct eendraadschema en situatieplan kan de keurder niet verifiëren of je installatie conform de plannen is uitgevoerd. Het AREI (Algemeen Reglement op de Elektrische Installaties) schrijft voor dat deze documenten aanwezig en actueel moeten zijn.

Hoe vermijd je het? Laat je installateur een eendraadschema en situatieplan opmaken of bijwerken voor de keuring. Als je installatie in het verleden is uitgebreid met bijvoorbeeld zonnepanelen, een laadpaal of een thuisbatterij, dan moeten die uitbreidingen ook op het schema staan. Controleer dit voor je een keuring inplant.

2. Geen of onvoldoende aardingsinstallatie

De aarding is een van de belangrijkste veiligheidscomponenten van je installatie. Ze zorgt ervoor dat bij een fout in een toestel de foutstroom veilig naar de aarde wordt afgevoerd, in plaats van door je lichaam te lopen.

Wat gaat er vaak mis? Bij oudere woningen ontbreekt de aarding volledig of is ze ontoereikend. De aardspreidingsweerstand is te hoog, de aardingsonderbreker ontbreekt of de verbinding naar de aardingselektrode is onderbroken. Bij woningen van voor 1981 is dit een bijzonder veelvoorkomend probleem.

Hoe vermijd je het? Laat je installateur de aarding controleren en meten voor de keuring. Een goede aardingsinstallatie met een aardspreidingsweerstand onder de 30 ohm (in de meeste gevallen) en een werkende aardingsonderbreker is essentieel. Bij oudere woningen kan het nodig zijn om een volledig nieuwe aarding te plaatsen.

3. Ontbrekende of defecte differentieelinrichting

Een differentieelinrichting, ook wel een aardlekschakelaar genoemd, is een beveiligingscomponent die de stroom onmiddellijk onderbreekt bij een lekstroom. Dat beschermt je tegen elektrocutie.

Wat gaat er vaak mis? De differentieelinrichting ontbreekt volledig, is van het verkeerde type (30 mA is verplicht voor huishoudelijke installaties), reageert niet meer bij de test of is niet correct aangesloten. In sommige gevallen beschermt de differentieel niet alle stroomkringen, wat eveneens een inbreuk is.

Hoe vermijd je het? Controleer of je elektrisch bord een werkende differentieelinrichting van 30 mA bevat die alle stroomkringen beschermt. Test de differentieel regelmatig via de testknop op het toestel. Reageert die niet? Laat ze onmiddellijk vervangen door je installateur, want dan ben je niet beschermd tegen elektrocutie.

4. Onjuiste draadsecties

Elke stroomkring heeft een bepaalde draadsectie (dikte van de kabel) die moet overeenstemmen met de bescherming (de automaat of zekering) die ervoor geplaatst is. Een te dunne draad op een te zware automaat kan oververhitting en uiteindelijk brand veroorzaken.

Wat gaat er vaak mis? Bij oudere installaties of installaties die door onervaren personen zijn aangepast, komen regelmatig verkeerde combinaties voor. Bijvoorbeeld een draad van 1,5 mm² aangesloten op een automaat van 20A, terwijl die sectie maximaal 16A mag dragen. Ook het gebruik van verouderde draadtypes zonder dubbele isolatie komt nog voor.

Hoe vermijd je het? Laat elke aanpassing aan je installatie uitvoeren door een erkend installateur die de correcte draadsecties berekent en toepast. Doe-het-zelvers die een extra stopcontact aansluiten met een te dunne draad die toevallig nog in de lade lag: dat is precies hoe deze inbreuk ontstaat.

5. Onvoldoende bescherming in natte ruimtes

Badkamers, doucheruimtes, wasplaatsen en buitenzones zijn natte ruimtes waar strengere regels gelden voor de elektrische installatie. Het risico op elektrocutie is er hoger door de aanwezigheid van water.

Wat gaat er vaak mis? Stopcontacten of schakelaars die te dicht bij een douche of bad geplaatst zijn, verlichting die niet geschikt is voor de vochtigheidszone, of ontbrekende bijkomende bescherming voor stroomkringen in deze ruimtes. De volumeafbakening (de zones rond een bad of douche waar bepaalde installaties wel of niet mogen) wordt niet altijd correct toegepast.

Hoe vermijd je het? Laat een installateur de zones in je badkamer en natte ruimtes controleren. De regels zijn strikt maar logisch: hoe dichter bij de waterbron, hoe strenger de eisen voor de beschermingsgraad van het materiaal en de bescherming van de stroomkring.

6. Niet-conforme aansluitingen en verbindingen

Losse verbindingen, kroonsteentjes die zichtbaar zijn buiten een inbouwdoos, draden die niet correct zijn vastgeklemd of kabels die onbeschermd lopen: het zijn stuk voor stuk inbreuken die onze keurders regelmatig vaststellen.

Wat gaat er vaak mis? Vooral bij installaties die stapsgewijs zijn aangepast door verschillende personen over de jaren heen, ontstaan er niet-conforme verbindingen. Een extra stopcontact dat ooit snel is bijgeplaatst, een verlengdraad die permanent als vaste aansluiting wordt gebruikt of een inbouwdoos zonder deksel in een kruipkelder.

Hoe vermijd je het? Loop je installatie visueel na voor de keuring. Zijn er zichtbare draden buiten inbouwdozen? Open verbindingen? Kabels die zonder bescherming langs muren of door vochtige ruimtes lopen? Laat een installateur de situatie beoordelen en waar nodig herstellen.

7. Installatie niet conform het eendraadschema

Zelfs als het eendraadschema aanwezig is, moet de fysieke installatie er ook mee overeenstemmen. De keurder vergelijkt het schema met de werkelijke situatie. Elke afwijking is een potentiële inbreuk.

Wat gaat er vaak mis? Na jarenlang aanpassen, uitbreiden en knutselen aan een installatie klopt het oorspronkelijke schema niet meer. Er zijn stroomkringen bijgekomen die niet op het schema staan, beschermingen zijn gewijzigd zonder het schema aan te passen, of de situatie op het plan wijkt af van de werkelijkheid.

Hoe vermijd je het? Laat het eendraadschema en het situatieplan bijwerken na elke wijziging aan je installatie. Als je niet meer weet of je schema nog actueel is, laat het dan door je installateur controleren voor de keuring. Een schema dat niet overeenkomt met de werkelijkheid is op zichzelf al een inbreuk, ook als de installatie technisch in orde is.

Wat als je toch een negatief keuringsattest krijgt?

Een negatief attest is vervelend maar geen ramp. Het betekent dat er punten zijn die niet voldoen aan de huidige normen. De volgende stappen zijn steeds dezelfde:

1. Lees het keuringsverslag grondig Alle vastgestelde inbreuken staan beschreven in het verslag. Bij Keurnu zorgen we ervoor dat het rapport begrijpelijk is, zonder onverklaard vakjargon.

2. Schakel een erkend installateur in Laat de inbreuken herstellen door een professional. Gebruik het keuringsverslag als werklijst.

3. Plan een herkeuring Zodra alle aanpassingen zijn uitgevoerd, plan je een herkeuring in. Bij de herkeuring worden in principe enkel de eerder vastgestelde inbreuken opnieuw gecontroleerd.

De termijn voor de herkeuring hangt af van het type keuring. Bij een keuring bij verkoop is dat 12 maanden na de controle of 18 maanden na de notariële akte. Bij een periodieke controle is het 12 maanden. Bij een indienststelling is er geen vaste termijn, maar de installatie wordt niet aangesloten tot je een positief attest hebt.

Preventieve checklist voor je keuring

Wil je de kans op een positief attest maximaliseren? Loop deze punten na voor je de keuring inplant:

  • Eendraadschema en situatieplan aanwezig en actueel?
  • Aardingsinstallatie aanwezig en in goede staat?
  • Differentieelinrichting (30 mA) aanwezig, correct aangesloten en werkend?
  • Draadsecties correct voor de geplaatste automaten?
  • Natte ruimtes conform de volumeafbakening?
  • Alle verbindingen in inbouwdozen, geen losse draden zichtbaar?
  • Schema en werkelijkheid komen overeen?

Twijfel je over een of meerdere punten? Laat je installateur een controle doen voor de keuring. Dat is altijd goedkoper dan een herkeuring achteraf.

Conclusie

De meeste inbreuken bij een elektrische keuring zijn geen verrassingen. Ze komen telkens opnieuw terug bij dezelfde onderdelen: documentatie, aarding, differentieel, draadsecties en natte ruimtes. Door je installatie vooraf te laten nakijken door een erkend installateur en je documenten in orde te brengen, verhoog je de kans op een positief attest aanzienlijk.

Bij Keurnu nemen we na elke keuring de tijd om het resultaat toe te lichten. Positief of negatief, je weet precies waar je staat en wat de volgende stappen zijn.

Deel deze post
Labels
Archief